Lenora de Barros: To See Aloud
De Badische Kunstverein presenteert het werk van de dichteres en kunstenares Lenora de Barros (*1953, São Paulo) in een eerste uitgebreide solotentoonstelling in Duitsland.
To See Aloud omvat verschillende facetten van haar artistieke praktijk – van vroege tekstwerken, videotekstgedichten, publicaties en drukwerk tot foto’s, objecten, objectgedichten en installaties, en haar recentste performances en kunstwerken in de openbare ruimte, met inbegrip van op geluid gebaseerde en collectieve activeringen. De Barros verbreedt ons begrip en onze ervaring van taal door de ‘verbivocovisual’-benadering naar de 21e eeuw te vertalen. ‘Verbivocovisual’ is een neologisme dat door James Joyce werd bedacht en later door de concrete poëzie werd gebruikt. Lenora de Barros beschouwt de term als het leidmotief van haar werk, waarbij ze het samenspel tussen het verbale, vocale en visuele op verschillende niveaus verkent en daarbij elke hiërarchie of beperking ondermijnt. „Ik heb letterlijk besloten om de ruimte van de pagina te verlaten en de vrije ruimte in te trekken“ (de Barros, 2018).
Zo is ook de tentoonstelling opgezet als een netwerk van verschillende thematische ruimtes (bibliotheek, caleidoscoop, labyrint of radiostation), die uitnodigen tot een multisensorische, niet-lineaire en participatieve ervaring en de grenzen tussen kunst en poëzie doen vervagen. To See Aloud toont een groot aantal werken uit de jaren zeventig tot nu, waaronder zo belangrijke werken als Poema (Poem) uit 1979 – gefotografeerd door Fabiana de Barros – , als een liefdesverhaal tussen de taal en de tong, of ONDE SE VÊ (Where you can see) uit 1982 met visuele gedichten in de vorm van vroege videoteksten. De videoteksten worden voor het eerst in hun oorspronkelijke techniek opnieuw geactiveerd. Mínimo Som Mínimo (minimum sound) belichaamt de poging om door de herhaling van een fragment, een geluidsflard, een oergeluid te benaderen en werd in 1983 gerealiseerd als visueel gedicht en later als geluidsperformance. Ping-Poema is de titel van een reeks werken uit de jaren negentig, bestaande uit objectgedichten, geluidsinstallaties en fotoperformances, waarin de tafeltennisbal de drager en geluidsvertolker van teksten wordt. Latere werken betrekken andere elementen van het spel, zoals batjes en tafels, erbij en gaan zo een dialoog aan met het Russische constructivisme.
De foto- en videoperformance NÃO QUERO NEM VER (I DON’T WANT TO SEE NOTHING, 2005) is een verkenning van de vrouwelijke subjectiviteit en gaat tegelijkertijd kritisch in op stereotiepe vrouwelijke bezigheden zoals breien. De bibliotheekruimte van de tentoonstelling bevat publicaties en teksten van Lenora de Barros, evenals zeldzame drukwerken en catalogi over de context van de Braziliaanse concrete poëzie, met de groep Noigandres als baanbrekend collectief dat ook de artistieke praktijk van de Barros al vroeg beïnvloedde – naast andere concrete en intermedia-kunstenaars uit de tweede helft van de 20e eeuw.